Afgelopen week vond het eerste door studenten geleide debat in de werkgroep plaats. Dit werd georganiseerd en geleid door vijf studenten, waaronder ikzelf. In deze post zal ik ingaan op de voorbereiding, de taakverdeling, de uitvoer en de evaluatie van dit debat.
De Voorbereiding
Bij het verdelen van de groepen werd duidelijk dat er samengewerkt zou gaan worden met Marlies Meilof, Michiel de Vries, Erik de Wild en Sebastiaan van Zanten. Een lekker spraakzaam gezelschap, dus dat zou wel goedkomen. Dinsdag na het hoorcollege zijn we bij elkaar gekomen en hebben we onze stellingen op tafel gegooid. Al snel bleek dat de meeste stellingen niet leidden tot verdeeldheid; iedereen was voor of iedereen was tegen. Na enig gepuzzel kwamen er toch drie bediscussieerbare stellingen bovendrijven, te weten:
De oplossing voor het piracyprobleem ligt in het toevoegen van waarde aan een legaal verkregen kopie
Het papier gaat de CD achterna
Er moet betaald worden voor mediagebruik in plaats van voor bezit
Over deze drie stellingen was in ieder geval discussie binnen onze groep, dus leken ze geschikt voor het debat. Volgende agendapunt was de taakverdeling. Ik werd tot voorzitter gebombardeerd aangezien ik de meeste know-how over het onderwerp leek te hebben. De overige leden werden verdeeld in voor en tegen en we besloten de werkgroep al voor het debat in tweeën te verdelen. Eén helft zou steeds voor zijn, de andere tegen. Dit leek ons een goede oefening in het inleven in andermans standpunt. Donderdag de volgende afspraak voor een deel van het groepje. Die ochtend werden draaiboek en powerpoint gefabriceerd en vervolgens vertrokken we naar University College.
De Uitvoering
Na de pauze mochten we dan eindelijk ‘los’. Nadat ik een korte inleiding had gegeven kon de discussie beginnen. Na twee minuten bedenktijd mochten ‘de experts’ van beide kanten in één minuut toelichten waarom ze voor of tegen waren. Hierna was de discussie open voor de hele zaal. Bij de eerste stelling waren het vooral onze groepsleden die aan het woord waren. Er werden punten gemaakt, maar de discussie verzandde regelmatig in het uitmelken van voorbeelden terwijl de principiële argumenten vervolgens niet meer behandeld werden. Daarnaast miste ik van de voorstanders het argument dat er nog wel degelijk exclusieve extra’s bestaan. Deze zullen echter wel een niet-digitale vorm moeten hebben (t-shirts, concertkaartjes). Na deze eerste discussie werd er meteen geëvalueerd, waarbij de algemene kritiek was dat de groepen niet wisten welke kant ze op moesten met het debat. Daarom werd besloten bij de tweede stelling één van de twee voorbbereidingsminuten te besteden aan het overleggen over de richting van de argumentatie.
In de tweede discussie was het effect van deze ingreep duidelijk, er zat meer richting in het debat en men sprong minder van de hak op de tak. De voorstanders bleven hameren op de technische voordelen van het elektronisch distribueren en consumeren van literatuur terwijl de tegenstanders zich concentreerden op het gebruiksgemak van papier. In deze discussie miste ik de argumentatie dat het stoffelijke van een boek de waarde bepaald en een volle boekenkast een statussymbool is, dit in tegenstelling tot een e-Reader. Ook in de evaluatie van deze discussie hamerde Thomas vooral op het gebrek aan lijn in de argumentatie van de verschillende kampen. Het is volgens hem vaak zo dat de partijen het toch niet eens worden. De onpartijdige toeschouwer wordt overtuigd door de argumentatielijn die het best is neergezet. De derde stelling is helaas niet meer aan de orde gekomen.
Over de moderator (mijn persoontje) was de groep tevreden, al werd ik soms als betuttelend ervaren en soms als te weinig sturend. De afweging om een bepaald argument al dan niet in te brengen vind ik nog erg moeilijk. Aan de ene kant moeten alle argumenten aan bod komen in een discussie, maar aan de andere kant wil ik als gespreksleider niet partijdig overkomen.
De Evaluatie
Tijdens de evaluatie na het college zijn we met ons groepje tot enkele conclusies gekomen. Onze goede en slechte punten komen hieronder aan bod.
Ten eerste is gebleken dat onze opstelling niet goed was. De groepsleden stonden achter de andere studenten, wat leidde tot een gebrek aan interactiviteit. De groepsleden hadden moeten zitten of iedereen had moeten staan. Waarschijnlijk had de laatste optie tot de meeste discussie geleid. We waren wel tevreden over de beslissing om de experts eerst te laten spreken, aangezien op deze manier een rode lijn kan worden uitgezet. Ook waren we tevreden over de rigide verdeling van de groep in voor en tegen. Dat sommigen enigszins verontwaardigd waren is alleen maar een teken dat het een goede oefening is in het completer voorbereiden van een discussie.
Over de inhoud van de discussies waren we behoorlijk tevreden. Er werden open argumenten gebruikt en de discussies waren behoorlijk in balans. Ook de participatie vanuit de werkgroep was volgens ons voldoende. Minder was dat sommige argumenten niet aan de orde zijn gekomen en er soms wat diepgang miste. Daarnaast werd er af en toe te lang gediscussieerd over voorbeelden terwijl het om principiële meningsverschillen zou moeten gaan.
Ten slotte wil ik nog even op mijn eigen rol ingaan. Ik ben redelijk tevreden over mijn inbreng. Naar mijn mening heb ik op de juiste momenten beurten gegeven en zoveel mogelijk iedereen zijn of haar zegje laten doen. De orde en samenhang in de discussie waren dan ook geen probleem. De volgende keer zal ik echter zeker moeten verbeteren. De stellingen moeten strakker worden ingeleid, zodat de discussie specifieker kan zijn. Daarnaast kan ik me als voorzitter meer bemoeien met de richting van het debat door te resumeren en daarbij de aandacht op bepaalde argumenten te vestigen.
Resumerend wil ik dan ook zeggen dat het eerste groepsdebat een stimulerende en leerzame ervaring was. Ik ben benieuwd hoe de andere groepen gaan variëren in de opzet van hun debat en heb nu al zin om weer gewoon een debater te zijn.
De powerpoint van ons debat is hier te vinden.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten